Stuur Pirate of the Caribbean Antoine Martin, stuntman en allround maf kees Nick Jacobsen en een paar andere teamriders naar the middle of nowhere om een aantal wetsuits en accessoires te testen en er komt vast en zeker iets grappigs uit voort, moet de brandmanager van wetsuit-, trapeze- en accessoiremerk NP gedacht hebben. Het werd een van de wildste en historisch gezien meest beruchte plekken van Amerika: het voormalige Wilde Westen.

Woord: Nick Jacobsen // Beeld: Christian Black

Het enige wat ik van deze streek kende zijn de vier reusachtige portretten van Amerikaanse presidenten die in het Mount Rushmore-gebergte gebeiteld staan. En dat de natuur er wild is en de weercondities extreem. Door de warme winden vanuit Mexico die op Canadese koufronten stuiten kan het weer in Zuid-Dakota razendsnel omslaan: van lief naar gemeen, van windstil naar stormachtig, en weer terug. Hierdoor heeft het gebied nooit op de radar van watersporters gestaan. Ik wist dus ook niet echt wat ik ervan moest verwachten. Tijdens onze vlucht erheen, keek ik de film The Revenant met Leonardo DiCaprio die daar draaide. Ik vond het te gek, maar zag niet bepaald veel water.

Dag 1. Overal dierenhoofden

Na meer dan 20 uur reizen landde ik in Rapid City, de hoofdstad van Zuid-Dakota. De luchthaven was leeg, letterlijk. Op een aantal passagiers na was er niets of niemand. Geen mensen, geen beveiliging, geen taxi’s. Zelfs het gratis shuttlebusje naar de stad had er de brui aan gegeven. Na een paar telefoontjes beloofden ze een busje te sturen om ons en onze gear op te halen.

Het was 27 april, maar zelfs in Noord-Europa waren de dagen warmer en de nachten zachter dan hier. De sneeuw viel met bakken uit de hemel, terwijl ons team zich verzamelde in het historische Hotel Alex Johnson in Rapid City – een charmant hotel in de binnenstad, ontworpen in Duitse tudorstijl en ingericht met een authentiek Indiaans interieur. Dat laatste komt vooral neer op dierenhoofden. Heel veel dierenhoofden. Ook leuk: het hotel zou door een heus spook bewoond worden – het was zelfs mogelijk een Ghost Adventure Package te boeken bij je verblijf.

Ons eerste verzamelpunt was de bar. Daar zouden we een briefing (en een paar welverdiende biertjes) krijgen. Ons team bestond uit naast Antoine en ik uit Melissa Gill (watervrouw uit Costa Rica) Alex Zenovic (NP brandmanager),

Christian Black (fotograaf), Elliot Leboe (filmer) en een locale gids met de fascinerende naam Dr. Bill Young. Na een warme kennismaking bleek dat we allemaal tegelijk bezorgd en opgewonden waren over de weersvoorspellingen – we zouden onze dikke pakken nog goed kunnen gebruiken deze trip. Voorzichtig spraken we wat plannen voor de week uit.

Dag 2. Suppen in de sneeuw

De tweede dag begon zoals de dag ervoor, met heel veel sneeuw. We besloten naar de nabijgelegen Black Hills te gaan om te testen hoe goed het nieuwe windchill-proof Armor Skin-materiaal is. De zogenaamde Zwarte Heuvels vormen

een klein geïsoleerd gebergte dat boven de grasvlakten van de Great Plains uittorent. Voordat we daar aankwamen reden we langs het historische stadje Deadwood, naar de gelijknamige serie van HBO. Het verhaal gaat dat Wild Bill Hickok – een legendarische figuur uit het Wilde Westen – hier is neergeschoten in Saloon Number 10 terwijl hij poker speelde. Opnieuw een plek met een bijzondere collectie dierenhoofden, aangevuld met een fikse verzameling wapens. Het voelde bizar om deze oude Amerikaanse Wilde Westen-cultuur op te snuiven, de tijd dat niet altijd even redelijke pioniers zich Amerika eigen probeerden te maken ten koste van de indianen.

Na deze kleine uitstap naar het verleden reden we verder naar Terry Peak, met al onze gear en wetsuits achterin onze pickup trucks. Terry Peak ligt op 2153 meter hoogte en was volledig bedekt met sneeuw toen we arriveerden. De nabij gelegen skipiste was de perfecte eerste test voor onze wintersuits en om te zien hoe onze SUPs werken in de sneeuw.

Windsurfen nick jacobsen

Het goede nieuws: de pakken hielden ons lekker warm ondanks de ijskoude wind en het prachtige winterdecor stond garant voor uniek fotomateriaal. Verder konden we niet zoveel doen, laat staan wind- of kitesurfen. Om het innerlijke vuur weer wat op te stoken haalden we op de terugweg gebraden worsten in het Duitse Sled Haus. Precies de brandstof die we nodig hadden. Om het braadvet weg te spoelen bezochten we daarna Dr. Bills beste vriend die ons in zijn unieke blokhut sterke drank serveerde. Zijn bizarre huis was net een klein museum en stond boordevol interessante decorstukken en snuisterijen. Indiaanse kunst, oude geweren en talloze opgezette dierenhoofden; vandaag had ons geen wind gebracht, maar wel een unieke inkijk in de oude Amerikaanse cultuur.

Dag 3. Een hoofd vol ijs, een buik vol vet

De volgende dag begon met nog meer sneeuw. We reden naar Pactola Lake om ondanks de vrieskou wat wind te pakken. Pactola Lake herbergt het grootste waterreservoir in de Black Hills van Zuid-Dakota. Toen we aankwamen werden we getrakteerd op een licht briesje en een prachtig weids uitzicht. We besloten het meer eerst per SUP te ontdekken, maar toen de wind iets sterker werd, kregen we gelijk de kriebels. Helaas, het was net niet genoeg. Dan maar voor een zwemmetje gaan, alles voor de foto! Mijn god wat was dit koud. Mijn wetsuit en schoentjes hielden mijn lichaam nog best warm, maar mijn handen waren al na een minuutje bevroren en mijn hoofd voelde alsof ik net tien Ice Bucket Challenges had gedaan. Auwtsj. Daar kan geen kater tegen op.

Elliot had een betere dag en spotte op een gegeven moment een ‘kale adelaar’, oftewel een Amerikaanse zeearend. We volgden het prachtige beest totdat we een paar mooie shots hadden. En zoals na elke succesvolle jacht, was het daarna tijd voor goed eten. Onze dagelijkse vette hap haalden we deze keer bij een burgertent met de gezond klinkende naam Sugar Shack. Volgens kenners de plek met ‘the best burgers in the Hills’. Het was voor ons in ieder geval goed genoeg.

Verzadigd door alle vet, maar met genoeg energie, besloten we op de terugweg naar het hotel te stoppen bij de ‘Art Alley’: een kunt- en designersplek tussen Rapid City’s 6th en 7th Streets. Ineens leek het alsof we in een typisch New Yorks steegje waren beland. Zuid-Dakota bleek veelzijdiger dan we dachten. We besloten ook hier wat unieke beelden te schieten. Antoine wurmde zich telkens voor de camera en bleek een poser van formaat.

Dag 4. Eindelijk windsurfen en kiten (naakt!)

Sneeuw, meer sneeuw! We reden terug naar de Hills, maar nu om een ander meer te ontdekken. Een verder onbekend meer waar Antoine en Meli een SUP-sessie hielden terwijl ik mijn grenzen testte door naakt te kiten. Er was niet genoeg wind, maar de beelden spreken boekdelen. Een ander hoogtepunt was toen Antoine vanaf een besneeuwde helling rechtstreeks het koude water in gleed met zijn iSUP.

Iets later die dag hoorden we dat er meer wind zou zijn op het grootste meer van dit gebied, Lake Angostura. Na een vet burgermaaltje bij Sugar Shack besloten we ons geluk daar te beproeven. Toen we richting het meer reden, werd de lucht ineens pikkedonker en de wind inderdaad steeds harder. Eenmaal bij het meer aangekomen werden we geconfronteerd met een harde, huilende wind. Angostura is een groot reservoir aan de Cheyenne-rivier. Prima surfbaar. Ik pakte mijn kleinste kite en mijn nieuwe foil en sprong zo snel mogelijk het water in, terwijl Antoine niet veel later, gehuld in dik neopreen, keihard heen en weer knalde op zijn freerideboardje. Het decor was prachtig. Ondanks de stemmige lucht en het koude water hadden we een fantastische sessie in 20 tot 30 knopen wind, op een gegeven moment vergat ik de kou haast.

Dag 5. George Washington met NP-petje

Op de een na laatste dag klaarde het weer snel op. Op weg naar de volgende bestemming, het prachtige Sylvan Lake, stopten we ook bij Mount Rushmore National Memorial, een van Amerika’s meest herkenbare toeristenspots. In het prachtige ochtendlicht bezochten we die reusachtige presidentenkoppen en zette ik George Washington een NP-petje op. De weg naar Sylvan voerde ook via The Needles: op natuurlijke wijze geërodeerde granieten pilaren die een onvergetelijk landschap geven. Het meer zelf is genesteld in de heuvels van Custer State Park op een hoogte van 1873 meter, dus elke windvlaag die je krijgt is ontzettend vlagerig. Toch viel het deze keer nogal mee en lukte het om, ondank de vrieskou, een fijne foilsessie te hebben. Hoewel Antoine waarschijnlijk wilde dat hij ook een foil had meegenomen, zag ik hem met een dikke smile op zijn gezicht rondvaren, met af en toe een sprongetje of andere move voor de camera. We waren waarschijnlijk de eersten die op dit maagdelijke meer surften, en die gedachte gaf me een onbeschrijflijk gevoel. Twee pioniers in het nieuwe Wilde Westen.

Na de sessie besloten we terug te keren naar de thuisbasis en onze campingspullen te halen. Het plan was om naar de bekende en beruchte Badlands (een bekend nationaal park) te gaan voor een nacht onder de sterrenhemel. Maar niet voordat we onszelf wat moed en inspiratie indronken bij Bills goede vriend, wiens bijzondere huis ook een 18de-eeuwse saloonbar herbergde. Eenmaal op de Badlands aangekomen was het pikkedonker en met de tenten opgezet hadden we geen idee waar we precies stonden. Dat zou de volgende ochtend pas blijken.

Dag 6. Maanlandschap

Toen we bij het wakker worden onze tentjes uitkropen en onze ogen uitwrongen, werden we direct verrast door een ongelooflijk uitzicht. Een bijna buitenaards, rotsachtig maanlandschap, zo ver het oog reikte. Een mooi ochtendlicht weerkaatste op de geërodeerde rotsen en creëerde een pallet aan warme, hemelse kleuren. Na een uur lang foto’s schieten en genieten van het uitzicht gingen we voor een laatste sessie.

Terwijl we rondreden op zoek naar geschikte plekken zagen we toevallig een melkwit waterreservoirtje. Het witte zand gaf het die kleur en het leek me, ondanks dat het er echt ondiep.moest zijn, de perfecte uitdaging om er te kiten. Al was het maar voor de unieke beelden. Ik moest noodgedwongen een paar honderd meter van het water vandaan mijn kite optuigen en toen ik er eenmaal met de kite in de lucht heenliep zag ik de verbaasde blik van langsrijdende truckers. De witte vijver was zo ondiep dat ik zelfs eerst mijn vinnetjes eraf moest halen. Bovendien moest ik eerst over een stuk prikkeldraad springen voor ik een beetje normaal kon kiten. Antoine had ondertussen een camera van Elliot geleend en liet de hobbyfotograaf in zich los.

Na deze vreemde sessie was daar alweer het einde van deze bijzondere trip. Een trip die me altijd zal bijblijven. In een kleine week kregen we alle weerstypen voor onze kiezen; we zagen wilde buffels, reusachtige eikenbomen en andere wilde dieren te midden van bizarre en prachtige landschappen, waarin we nog konden windsurfen en kiten ook. Meer hadden we ons niet kunnen wensen.


Dit artikel is afkomstig uit Motion #1 van 2017. Wil je meer lezen ? Bestel ‘m dan snel in de SOUL Webshop of neem een abonnement en kies ervoor om dit magazine ook te ontvangen. Met een abonnement op Motion geniet je naast het laatste nieuws, de vetste trips en beste gear als eerste op je mat van nog meer voordelen, dus check snel onze abonnee-pagina!