De Endless Summer Beachhouse braai was al lang en breed aan de gang toen we met nat haar kwamen aanzetten; tot na zonsondergang gevaren en snakkend naar een groot stuk vlees. ‘Pfff, jullie windsurfers zijn altijd zo rete fanatiek’, verzuchtte een bevriende kiter. Nee, dacht ik, het is precies andersom. Als wij niet zo rete fanatiek zouden zijn, zouden we niet (meer) windsurfen; het leerproces gaat irritant traag en goede condities zijn in Nederland dermate zeldzaam dat we acuut alles uit onze handen moeten laten vallen om een giek op te pakken!

Woord: Hester Andriesen Beeld: Fernando Sanchez, John Carter/PWA, Eva Oude Ophuis, Hester Anderiesen

Hoe beter je leert windsurfen, hoe leuker het wordt. Daarvoor heb je twee dingen nodig: (1) veel uren op het water en (2) goede condities. Dit is verre van rocket science en het kostte dan ook niet langer dan één avond – en aanzienlijk meer mojito’s – om het plan te ontwikkelen: we gaan alleen nog maar windsurfen. Het was nog onduidelijk wie ‘we’ precies waren, maar ik wist zeker dat ik erin zat.

Het vergde nog wel enige voorbereiding om het plan te combineren met m’n werk; een promotieonderzoek aan de Technische Universiteit in Delft. Licht gespannen legde ik het plan voor aan mijn begeleiders en tot mijn verbazing gaven ze mij zonder twijfel alle vrijheid en vertrouwen. ‘Tsja, zo shockerend is het allemaal niet; normaal werk je full-time en surf je zo veel mogelijk en dit jaar surf je full-time en werk je zo veel mogelijk’, zei één van mijn begeleiders. Na deze ‘go’ van mijn werk waren de tickets snel geboekt: overwinteren in Kaapstad en doorzomeren op de Canarische eilanden. Het vooruitzicht op een half jaar windsurfen maakte dat ik voor het eerst stiekem hoopte mee te kunnen doen aan de wedstrijden van de Professional Windsurfers Association (PWA), die ik vorige zomer had bezocht en waar ik behoorlijk enthousiast van was geworden. En laten die wedstrijden nou toevallig aan het einde van mijn windsurf-half-jaar op de Canaries zijn!

STAP ÉÉN: KAAPSTAD
De zestien uur durende reis richting Kaapstad ging op aan twee keer de fi lm Minds Wide Open, klieren met het nieuwste GoPro-speelgoed en het bekijken van verschillende windsurfhuis-werkvideo’s. De doelen zijn gezet, verwachtin-gen hoog gespannen; in drie maanden Kaapstad + twee maanden Canaries moet er toch heel wat te leren zijn? Kan niet w-a-c-h-t-e-n!


YOU MUST CONQUER YOUR FEAR AND ENJOY THE LOSS OF CONTROL
De belerende woorden van de Engelse windsurfgoeroe Jem Hall dreunen nog na in mijn hoofd als we het water op gaan op Sunset Beach: ‘Commitment is the key. Set a day, set a goal, have a bet with your friends, get a good coach and do it… DO IT! Fail the fear and do it anyway. Don’t think, just do!’ De boodschap is duidelijk: twijfelen is verliezen, en liever 110 procent dan 100. Door m’n pa word ik al sinds ik nog een kleine Hester-uk was een ongeleid projectiel genoemd, dus dit gaat me lukken!

Fully committed lanceer ik mezelf van de eerste de beste Sunset-ramp om nu toch echt die backloop te gaan landen. Met een gevoel van onsterfelijkheid vlieg ik de lucht in en vol enthousiasme zet ik de rotatie in. Ik commit! Ik doe! En ik spring, maar te hoog, roteer te ver en klap vol met m’n arm op m’n board. Het is al ingewikkeld m’n voeten uit m’n voetbanden te halen, laat staan terug te varen. Het duurt een week voordat ik dit stukje kan typen en twee voordat de kracht in m’n hand terug is om die giek een volgende keer wel vast te houden. Als ik na iedere poging twee weken moet bijkomen, gaan die doelen een tijdje duren, dacht ik. Ik weet het even niet meer zo goed met die ‘commitment’. Misschien is twijfelen verliezen, maar wat is dit dan? Hoe balanceer je enthousiasme, hoe hard zet je een rotatie in, wat is dan wel de juiste hoogte om backloops te oefenen? Hier zeggen ze helemaal niks over in die video’s. Mijn gevoel van onsterfelijkheid is ook aanzienlijk minder geworden, en misschien maar beter ook. Er is wel een doel bijgekomen voor deze trip; iets meer balans tussen commitment en gezond verstand, maar misschien maar niet meer als ongeleid projectiel.

MY FIRST FORWARD
Als je maar lang genoeg naar video’s kijkt heb je het gevoel de move al onder de knie te hebben, nog voor je het water opgaat. Dit fenomeen is niet vreemd. Sterker nog, er zijn boekenkasten vol geschreven dat we door afkijken leren. Hiervoor gebruiken we onze zogenaamde spiegelneuronen, die vervelend zijn als iemand gaapt, maar uitstekend om een forward te leren van een video. Echter, anno 2012 geven instructievideo’s nog geen feedback. Overtuigd als ik was de beweging te begrijpen, maar totaal onervaren deed ik mijn eerste katapults-off-the-board op chop golven tegen de wind in. Dan kun je nog zestien video’s kijken… maar niet één vertelde me wat ik verkeerd deed. Niek van der Linde (wereldberoemd van leerwindsurfen.nl) deed dat wel. Met Josine Schmitz en Cilia Swinkels stond ik op Sunset Beach pirouettes te oefenen en toen ik het water opging kwam het advies: op een brandinggolf af en met de wind mee. Ha! Daar was de clou, dank je wel Niek. In plaats van zo hoog mogelijk voorover een schans af, deden we een oefening om op onze rug op het water te landen, wat verstandig! Overtuigd dat ik zou doen wat hij had uitgelegd ging ik het water op en hop daar lag ik op m’n rug in het water te glimmen van trots! Bij terugkomst gaven zijn twee duimen me de boost het nog vele malen te proberen. Mijn dank was groot en ik ben overtuigd: een leraar werkt beter dan een video.

TRAININGSBUDDIES
Een gemiddelde pasta-met-rode-saus-etende windsurfer kan zich natuurlijk geen wekelijkse windsurflessen veroorloven, dus leren we het meeste van elkaar. Ik surf veel met andere meiden wat motiverend en eindeloos gezellig is, al denk ik soms wel eens dat we te lief zijn voor elkaar. Ja natuurlijk, de wind is hard, de golven te laag, veel te koud, nope weer geen forward, maar ach, koffie? Mijn vooroordeel over mannen is dat ze elkaar triggeren door elkaar uitmaken voor laffe dakhazen als ze die beruchte forward weer niet hebben ingezet. En wie wil er nou een affe dakhaas zijn? Juist, ook meisjes niet. Ik heb ooit aan de surfchicas voorgesteld wat arelaxter tegen elkaar te doen op het water, maar dit had niet helemaal het gewenste resultaat. Blijkbaar werkt het bij ons anders; prima, nu nog even uitvinden hoe. Cilia en ik hebben ons de week na die eerste forward-les goed kwaad gemaakt. Iedereen om ons heen zocht de beste golven op bij Haakgat en Cape Point, maar wij waren streng: op Sunset zijn er ook forwardgolfjes en aanzienlijk minder afleiding om alleen maar te golfrijden. We were on a mission! Zonder a-relaxed te worden hebben we elkaar wel degelijk getriggerd; twaalf minuten zaten er tussen onze eerste forwards!

Hoewel het seizoen in Kaapstad dit jaar niet fantastisch was, hebben we toch aanzienlijk meer gevaren dan we de drie wintermaanden in Scheveningen ooit hadden kunnen doen. Met gemiddeld drie tot vier keer per week op het water hebben we veel kunnen leren. Toch voelde het alsof we achter lagen op ons schema, maar of dat aan de doelen lag of aan onze progressie, who knows?

STAP TWEE: GRAN CANARIA
Niet heel veel later begon het tweede gedeelte van het grote windsurfplan: samen met teambuddy Eva Oude Ophuis richting Pozo Izquierdo! Bij wijze van kick off deden we mee aan een wave clinic door Victor Fernandez en Josep Pons. Van wie kun je het beter leren dan van de pro’s zelf? Er werd veel aandacht besteed aan de forward, en ieder op zijn of haar eigen niveau. Een aantal begonnen met de eerste oefeningen en Eef trainde ze stalled. Tijdens iedere trainingssessie werden we op het water gefilmd om de volgende ochtend de schoolbanken in te gaan om het beeldmateriaal terug te kijken. Stap voor stap, film voor film, seconde voor seconde werd doorgenomen totdat je zo ongeduldig was om het water weer op te gaan dat de volgende poging wel móest lukken. Natuurlijk is het altijd goed om jezelf terug te zien, maar filmen heeft nog een tweede functie. Ik durf te wedden dat nagenoeg iedereen die dit leest toch echt wel die forward zou inzetten met Victor Fernandez in zijn nek, en de rest… laffe dakhazen! Bij het verstrijken van de clinic-dagen nam de wind toe; de laatste twee dagen waaide het een knoop of 50 en werd de forwardtraining vervangen door back- en pushloops. Volgens Pons was het gekkenwerk om met storm forwards te oefenen, iets waar ik nog niet eerder over nagedacht had. Je betaalt er dan misschien voor, maar coaches helpen je wel die balans te vinden tussen commitment en verstand; scheelt weer twee weken rehab!

TRAININGEN WORDEN SERIEUZER
Het besluit om dit jaar al met de PWA mee te gaan doen blijkt ook een goede stimulans. Varen werd trainen en met de dag werden we kleuteriger op de kant, maar serieuzer op het water. Elke twintig minuten wisselden we van taak; de één ging met een missie het water op en de ander filmde ieder rakje naar binnen en naar buiten. Het terugkijken van beeldmateriaal heeft meerdere functies: je kunt natuurlijk alles wat je hebt gedaan analyseren en als je bijna al je filmpjes van die twintig minuten weg kunt gooien, weet je ook zeker dat je op ‘effectief trainen’ nog wat kunt verbeteren. Tot slot, en zeker op de 50+ knopen dagen in Pozo, beschermen die twintig-minuten-pauzes je voor uitputting en dus ook voor onnodige blessures.

RE-PWA-PANIEKAANVAL
De PWA wave op Pozo was laat bevestigd dit jaar, maar het bericht kwam! De email met inschrijfformulier bezorgde me een buikkramp die verraadde dat ik het toch behoorlijk spannend vond allemaal. Ja natuurlijk, ik doe het voor de ervaring, hoef niks te bewijzen, het trainen ervoor was m’n hoogste doel, meer dan de wedstrijd zelf. Je kunt jezelf prima rustig houden met al deze wijsheden, ik heb het honderden keren tegen mezelf gezegd, maar die email… waaaaaa! Weer tot rust loop ik naar buiten en zie dat de eerste steigers voor het event er al staan. M’n maag draait zich nog een keer om. Hoezo wilde ik dit ook alweer?! Gelukkig was daar Eef die alles al een keer had meegemaakt vorig jaar. Ze stelde me gerust dat deze pre-PWA-paniekaanval normaal was. Zonder de geruststellende woorden van haar vriendlief Eric zou zij vorig jaar een paar dagen voor het event naar huis zijn gevlogen. Het zou allemaal goed komen…

BEGINNERSFOUTJES
Of het nou kwam door de spanning, de nieuwe 2013 zeilen of de 50 knopen, maar drie dagen voor het event bleek een drie uur durende sessie iets te veel voor mijn schouder. Waar waren onze twintig-minuten-trainingssessies gebleven?! Toen ik na een dag niet varen al een lamme arm van het tandenpoetsen kreeg, begon ik me enigszins zorgen te maken. Eva kneusde diezelfde dag een spier in haar rug, en zo namen we de laatste dagen voor het event samen rust.

Ondertussen werden die eerste steigers een heuse jurytoren, de halve boulevard een partytent en leken het aantal mensen en lelijke hondjes zich iedere dag te verdubbelen. Samen met Thijs van der Meer, één van de juryleden, oefende ik voor mijn eerste heat de transitietijden en bijbehorende vlaggen: rood, geel, groen. Met gezonde spanning ging ik na het startsein het water in. Het ging nu echt gebeuren, mijn allereerste PWA-heat! Op de terugweg van mijn eerste rakje zag ik de vlag: rood-wit gestreept!? What the hell! Die hadden we niet geoefend! Better safe than sorry, dus ik voer gewoon m’n heat, en zo slecht ging die niet. Uitgeput en met een hevig tegensputterende schouder kwam ik bij de kant om uit te vinden dat een rood-wit ge-streepte vlag betekent dat de heat uitgesteld is. Dus. Het goede nieuws is dat ik het nooit meer zal vergeten. Dus lieve Thijs, ik mag hopen dat je me het vergeeft (zie vorige Motion), want het is toch ook een beetje jouw schuld…Na deze generale repetitie moest ik een kwartier later mijn heat mét tegenstander varen, met groene vlag en al. Ook deze heat ging niet heel slecht totdat ik op het eind mijn giek nauwelijks meer vast kon houden. Bij terugkomst bleek mijn tegenstandster Alice Arutkin uit Frankrijk te hebben gewonnen, maar mijn grijns van de adrenaline kreeg ik die dag niet meer van mijn gezicht. Ontroerd was ik door de 133 gemiste whatsapp berichten waar het gehele online commentaar van Ben Proffitt was gequote door de surfchicas en het sms’je van mijn moeder: ‘Snoep, je had een nice snappy top turn!’ Mijn tweede heat in de dubbele eliminatie was tegen Eef. Nou is dat op z’n zachtst gezegd een uitdaging, minder zacht gezegd was het niet te doen natuurlijk. En er kwam nog een extra uitdaging bij: een gemiddelde wind van 61 knopen, gemeten op het strand. Als we onszelf op het water twee knopen extra geven hebben we die heat dus tijdens een officiële orkaan gevaren! Ik vond het heel moeilijk om nog iets te laten zien en een pushlooppoging werd hard afgestraft. Eef ging het aanzienlijk beter af en meer dan terecht ging zij door naar de volgende ronde. Ongerust waren we over onze Russische trainingsbuddy Olya Raskina, die met een banaan werd afgevoerd na een harde forward landing waarbij ze volledig over de mast roteerde (luister goed naar Victors tips om dit te voorkomen!).

HESTER’S FINAL THOUGHT
Worldcup varen was niet van wat ik er van verwachtte, het was veel beter! Door het kijken naar de rest en het reflecteren met de jury (dank je wel Thijs) weet ik waar ik aan moet werken om meer punten te halen en ik heb zin ermee aan de slag te gaan. Als ik het windsurfen met mijn werk kan blijven combineren ben ik er de komende jaren weer bij om mezelf te pushen. Het gaat allemaal niet vanzelf, maar de sensatie van je eerste forward vergeet je nooit! Nu de rest nog.

Eef, pretkip, als jij nou even zorgt dat je tussen al je coschappen door toch naar Kaapstad en Pozo kan volgend jaar dan doen we dit allemaal nog eens over! Met wie moet ik anders liedjes zingen, dansjes doen, bocadillos delen, hondjes belachelijk maken, stickers plakken, boards vol kliederen, filmpjes maken, en ziekenhuisuren doorkomen?