Mr. tricktionary Michael ‘Rossi’ Rossmeier en Canadees pro freestyler Phil Soltysiak slaan graag de niet geijkte paden in. twee jaar geleden mochten we ze al vergezellen op hun reis naar Colombia, afgelopen winter besloot het tweetal de kustwateren van Kenia te onderzoeken. het bleek een schot in de roos: met het warme water van de Indische oceaan, hagelwitte stranden en een gestaag windje genaamd kaskazi konden ze weer een geslaagde ontdekking aan hun lijstje toevoegen. terwijl ze bekende toeristische plek-ken als Mombasa en Malindi links lieten liggen, trokken ze naar geïsoleerde en onbekende stranden en sleepten ze hun boardbags door oorden als Galu, Diani, Watamu en Che Shale. een ontdekking van Kenia’s kustcultuur middels hun passie voor wind en water. Ze hielden een dagboek bij.

Woord: Philip Soltysiak & Michael Rossmeier Beeld Philip Soltysiak,  Michael Rossmeier & Marion Neumair

10/12/2011 – TARIFA, SPANJE
Phil: Ik hang met Rossi in Tarifa, maar hij wil al-leen maar werken aan zijn nieuwe Tricktionary projecten. Echt waar, die gast is een workaholic! Ik kan hem amper loskrijgen van zijn computer om een van onze Windsurfing Into the Unknown trips te plannen!

Rossi: Phil is crazy. Pas nog vertelde hij over een gast die hij had ontmoet in het vliegtuig, die hem vertelde dat het in de winter heel goed waait in Albanië. Albanië! Of we daar niet even een trip naartoe moeten maken. Albanië!! Weet je hoe koud?! Een beetje egoïstisch ook, volgens mij wil hij gewoon dat we allebei in de kou varen zodat hij zijn nieuwe wetsuit sponsor kan pleasen. Nou, mij niet gezien! Hij vergeet denk ik dat ik al een wat oudere freestyler ben, die op wat meer luxe gesteld is. Ik wil ergens heen waar het warm is, met zandstranden en turkoois water. Maar geen zorgen: ik zit dan wel vaak op mijn computer, maar echt niet alleen voor de Tricktionary! Ik had al wat research gedaan en uitgevonden dat Kenia aan de Afrikaanse oostkust volop profiteert van de noordoostelijke monsoon wind Kaskazi, en dat januari de meest betrouwbare maand is qua wind. Ik liet Phil een satellietbeeld zien van de kustlijn: een eindeloze strip wit zand langs de kust, ondiep turkooi water, een rif, en vervolgens de open Indische Oceaan. My kind of spot, en zo bleek, ook die van Phil!

04/01/2012 – MOMBASA INTERNATIONAL AIRPORT, KENIA
Phil: Het was niet moeilijk voor Rossi om me over te halen, en hier zijn we dan: Kenia. Zoals ik reeds voorspelde, staat de gast die ons op komt halen met zijn mond wijd open te kijken terwijl we onze vier boardbags en al onze cameraspullen in zijn richting slepen. Als hij hersteld is van de shock leert hij ons onze eerste Keniaanse woorden: hakuna matata, geen zorgen! En inderdaad, je hebt het of niet. Vier boardbags en een koffer met camera’s? ’t Is maar hoe je het ziet. Toch? Ik vind dat elke transfer taxichauffeur ter wereld deze zin zou moeten leren, begrijpen, beleven, en het liefst ook nog zingen.

04/01/2012 – LIKONI FERRY – ZUID MOBASA
Rossi: Niet te geloven, maar de enige manier om de wegen ten zuiden van Mombasa te bereiken is met de boot. Elke auto die de boot opreed raakte de bodem, een aantal verloren zelfs hun voorbumpers op de drempel. Toen de auto’s eenmaal stonden was het net alsof iemand een poort voor een Justin Bieber concert opendeed: in no time werd de boot overspoeld door hordes mensen en dat luttele seconden voordat hij wegvoer. De overtocht was letterlijk 500 meter en we waren de enige blanken aan boord. Ik heb het gevoel dat we de komende drie weken te boek gaan staan als toeristen…

Phil: Toen ik onze chauffeur Jack vroeg waarom er geen brug over deze havenwateren van Mombasa is, legde hij me uit dat het een van de grootste havens van Afrika is. Vanwege de enorme schepen die hier varen zou de brug zo hoog moeten zijn dat het goedkoper was om simpelweg met een ferry heen en weer te varen. Hij vertelde ook dat we geluk hadden zo snel naar de overkant te komen, aangezien het regelmatig uren kon duren voordat je een plekje had op de boot.

04/01/2012 – DIANI BEACH
Rossi: De kleine hutjes die we huren zijn een stuk verder van het strand dan ik verwachtte. Na de lunch moeten we nog een kilometer lo-pen met ons materiaal tot aan het water. Maar goed, het was lunch en dat was goed nieuws voor Phil. Bij het zien van de menukaart keek hij niet eens naar de internationale kaart, hij koos gelijk het meest Afrikaanse wat hij kon vinden. Ugali (een witte polenta gemaakt met maïsmeel), Sukuma Wiki (een soort gekookte kool), Chapati (Oost Afrikaans brood) en ge-stoofd rundvlees. Het duurde een eeuwigheid voordat het eten kwam en ik zweer je dat het daarna ook nog meer dan vijf minuten duurde voordat de ober alles volgens een bepaald soort patroon op onze tafel had gezet, maar… het was heerlijk!

Phil: Onze route naar het strand gaat over een smal paadje door een bos, een oversteek van de hoofdweg in Diani en vervolgens een zandweg-getje dat uitkomt bij de strandbar Forty Thie-ves. De bar verspert letterlijk de toegang tot het strand, en we slepen onze spullen er dwars doorheen. Gelijk als ik Forty Thieves uitstap weet ik dat het de lange tocht waard is geweest. Het zand was zo wit dat het wel sneeuw leek, het water meer turkoois dan ik ooit gezien had en er waaide een stevig en constant windje van links. Ik keek naar Rossi en zag een enorme smile op zijn gezicht, en we waren nog niet eens op het water geweest!

08/01/2012 – DIANI BEACH
Phil: Het is alweer onze vijfde achtereenvol-gende dag op het water hier in Kenia. Het enige setje dat ik tot dusverre gebruikt heb is mijn 5,4 Revolution en mijn Flare 101. Het is de perfecte set-up hier, ik had mijn andere spullen net zo goed thuis kunnen laten. Bij eb is het water extreem vlak, bij vloed wordt het wat meer choppy. Op ongeveer 500 meter uit de kust ligt een rif, waar soms wat kleine holle golfjes vanaf rollen, zeer ondiep, maar ideaal om met onze mini freestylevinnen wat aerial tricks te sprin-gen zoals loops, shaka’s en air fl aka’s.

Rossi: Gelukkig zijn we een paar dagen gele-den Craig van H2O Extreme tegengekomen, anders hadden we elke dag die tocht door het bos moeten afl eggen. Onze huisbazin meende zelfs dat die tocht allesbehalve veilig was, en ik was enigszins geshockeerd toen ze zelfs een oude bewaker meestuurde, gewapend met pijl en boog. We moesten langzaam lopen, omdat hij ons anders niet bij kon houden. Maar goed, inmiddels is die privé Robin Hood op leeftijd niet meer nodig: Craig heeft ons een kleine container gegeven naast zijn centrum waar we ons materiaal opgetuigd in kunnen opbergen. Hij heeft drie H2O Extreme centrums: twee in Diani en één in Galu Beach. Morgen vertrekken gaan we naar het vlakbij gelegen Galu, omdat het bijna springtij is en het water in Diani dan zo laag wordt dat het te ondiep is om te varen.

08/01/2012 – AFRICAN POT RESTAURANT
Rossi: We vieren onze eerste vijf dagen op het water met een avondje uit bij African Pot, een lokaal restaurant waar het eten op de traditi-oneel Afrikaanse manier geserveerd wordt: in de ceramische pot waar het in gekookt wordt. Uiteraard ging Phil helemaal uit zijn dak, elke keer als hij een pot opende keek hij alsof hij een kerstcadeautje uitpakte.

 

10/01/2012 – GALU BEACH
Phil: Inmiddels hebben we onze spullen op het vlakbij gelegen Galu Beach gestald. Gelukkig kunnen we opnieuw gebruik maken van Craigs H2O centrum, onze boardjes en zeilen liggen op een mooi stukje gras onder de palmbomen. De route van ons huis tot het strand leggen we af met de taxi, tuktuk of matatu. Nou was ik uiter-aard bekend met taxi’s en tuktuks, maar een ma-tatu had ik nog nooit gezien. Matatu’s vervangen min of meer het openbaar vervoer hier, en deze oude minibusjes zijn altijd ramvol. Ze komen in de meest bizarre beschilderingen en neonlichten en bieden plek aan twaalf personen inclusief een (vaak prettig) gestoorde chauffeur. Ik vermoed dat we behoorlijk genaaid worden met de 50 Keniaanse Shilling die we per persoon per ritje moeten afrekenen, maar dat is oké want ik voel me nog steeds schuldig over die ene keer dat we met onze drijfnatte boardshorts alle stoelen nat hebben gemaakt. Waarschijnlijk herinneren ze zich dat nog steeds, sorry!Rossi: Galu Beach is de place to be als het tij extreem laag is zoals nu. Het water wordt echt compleet vlak en bij hoog water kun je nog steeds over het rif komen. Ik weet niet of ik gek aan het worden ben, maar het lijkt wel alsof de kleuren hier nog mooier en helderder zijn dan in Diani. Ondertussen is de wind nog steeds hetzelfde, en heb ik nog geen ander zeil aangeraakt dan mijn 5,2. Fijn ook dat het strand hier nog rustiger is, met minder kinderen die je kettingen en armbandjes proberen te verkopen.

Phil: Op de een of andere manier weten die kinderen mij nog steeds te vinden. Een middag zat ik op het strand te kijken naar Rossi’s capri-olen op het water toen ik besloot de kids een handje te helpen. Ze hebben namelijk verreweg de slechtste verkoopstrategie die ik ooit op een strand gezien heb: een soort mix van verkopen en bedelen. Er kwam zelfs een keer een kind op me af met lege handen met de vraag of ik armbandjes van hem wilde kopen! Ze beginnen altijd met een verhaal waarin ze onze huids-kleuren vergelijken, om vervolgens te vertellen dat we allemaal familie zijn omdat we dezelfde kleur bloed hebben. Daarna bieden ze je precies dezelfde armband aan als hun vriendje vijf mi-nuten geleden ook al deed, en als je weigert iets te kopen stappen ze naadloos over op bedelen, zich beklagend over hoeveel honger/hoofdpijn/ondervoedde familie ze hebben. Ze weten in ieder geval bijzonder goed hoe ze je schuldig moeten laten voelen. Ik legde ze uit dat ze andere producten moeten aanbieden dan hun vrienden en niet moeten bedelen. Diversifi catie, gat in de markt, dat soort werk. Gedurende het hele gesprek luisterden ze aandachtig, ook toen ik ze vertelde (gouden tip!) dat als ze écht wat wilden verkopen ze vooral niet bij mij moesten blijven rondhangen. Al hun glimlach en serieus geknik ten spijt: toen ik uiteindelijk opstond om het water op te gaan wilden ze me niet laten gaan voordat ze eerst nog wat meer gebedeld en gesmeekt hadden. En armbandjes staan me helemaal niet! Ongelooflijk.

14/01/2012 – ERGENS TEN NOORDEN VAN MOMBASA
Phil: Gelukkig wisten we in Galu Beach ook nog wat vrienden te maken, en vandaag kwam locale windsurfer Morris uit Malindi ons ophalen voor een lift naar onze volgende bestemming Watamu. Morris kwam met een open Jeep, met net genoeg plek om onze rugtassen in kwijt te kunnen, dus behalve onze vier boardbags moesten nu ook onze koffers aan de buitenkant vastgesnoerd worden. We bleken een echte toe-ristische attractie en zo nu en dan sprongen er zelfs toeristen uit matatu’s om foto’s te nemen van ons en onze Jeep.

Rossi: De wegen hier zijn vreselijk slecht. We sla-lommen rond enorme gaten in de weg, fi etsers, mensen die volgepakte karretjes voorduwen en natuurlijk de crazy matatu’s. Gelukkig worden de wegen naarmate we verder naar het noorden raken steeds leger en op een gegeven moment vinden we links en rechts van ons alleen nog maar ananasvelden. De ananassen in Kenia zijn verreweg de beste die ik ooit heb gegeten!

Phil: Ik wist het, ooit zou Rossi zwichten en net als ik bijna net zo veel uitkijken naar het eten als naar een goede windsurfsessie, yes!

15/01/2012 – TURTLE BAY, WATAMU
Phil: De komende vier dagen verblijven we in Turtle Bay Beach Club in Watamu. Het is een resort met watersportcentrum en ze hebben de grootste verzameling windsurfmateriaal die ik tot dusverre gezien heb hier in Kenia. Bij nadere inspectie blijkt dat de vijftien netjes opgehangen zeilen tien tot vijftien jaar oud zijn, dat dan weer wel. Mocht iemand nog wat geld overhebben in de huidige crisis dan heb ik nog wel een goede tip: investeer in een centrum hier, we scoorden opnieuw vier dagen perfecte omstandigheden!

Rossi: Het te water gaan bij Turtle Bay Beach Club is geen makkie: mijn favoriete gedeelte is het ontwijken van de enorme koraalpilaren die links en rechts boven het water uitsteken. Pre-cies waar we varen steekt er nog eentje fi er bo-ven het water uit, we varen er aan weerszijden langs, met uitzicht op nog veel meer vlijmscherp koraal wat de spot een vrij dramatisch karakter geeft. Ondanks, of misschien juist vanwege dit karakter, vermaak ik me uitstekend op het water, vooral bij eb. Het water is spiegelglad, ondiep en helder. Het doet me denken aan Bonaire, met het onderscheid dat het hier echt elke dag waait.

Phil: Als je het dan over dramatisch hebt, dan mogen de zeeschildpadden die te pas en te onpas opduiken ook nog wel even genoemd worden. Een aantal keer kwamen ze echt uit het niets en schrok ik me helemaal lam. Waarschijnlijk zijn ze met zoveel omdat de spot precies naast het Watamu National Marine Park ligt, met naar eigen zeggen de een na grootste variëteit aan zeeleven op de wereld, na het Groot Barrièrerif.

18/01/2012 – ONDERWEG NAAR CHE SHALE
Rossi: We zijn inmiddels onderweg naar Che Shale, een bekende windsurfspot op een uurtje rijden van Watamu. De chauffeur die ons er naartoe brengt vertelt ons een boel over de positieve en negatieve kanten van het toerisme aan de Keniaanse kust en hoe bepaalde recente gebeurtenissen het toerisme beïnvloed hebben. Het meest interessante vond ik zijn uitleg over de stammen die er leven. Volgens hem leven 28 van de 40 stammen aan de kust, en dat in perfecte harmonie met elkaar. Het geweld na de verkiezingen van 2008 dat de media haalde had vooral te maken met afgunst tussen stammen in het binnenland van Kenia. Hij legt me ook uit dat de high profi le ontvoering in 2011 uitge-voerd was door Somaliërs, vlakbij de Keniaans/Somalische grens. Vandaar dat reizen in het noordoostelijk deel van Kenia door de meeste regeringen ook afgeraden wordt.

Phil: De weg naar Che Shale biedt ons een preview van wat we kunnen verwachten in het orpje zelf. Geen asfalt, cement, modder, gras, stenen, keien of wat dan ook maar een zandweg met daarop kokosschillen om hem zo toeganke-lijk te maken voor auto’s die geen vierwielaan-drijving hebben. Slim en goed voor het milieu!

20/01/2012 – CHE SHALE
Rossi: Het is alweer onze derde dag in Che Shale, en tot nu toe hebben we elke dag nieuwe condities gevonden om in te spelen. De baai hier biedt een brede variatie aan spots. Recht voor Che Shale is de wind onshore en een tikkeltje van rechts. Het water is diep en in de namiddag bouwt de swell zich op met de wind waardoor het een toffe bump & jump spot wordt. Rechts van Che Shale is het water ondieper en een stuk vlakker, je kunt er varen tussen de vissersbootjes die voor anker liggen in een kleine baai. Verder naar rechts vind je een rif waarvan de diepte varieert; het zou dus moeten werken bij elk getij. Mijn favoriete sessie tot nu toe was bij dit rif toen Phil en ik synchroon onze shaka’s en forwards probeerden te springen van dezelfde golf. Het werkte niet zo goed als onze gesynchroniseerde switch chacho’s maar we deden ons best.Phil: De atmosfeer in Che Shale bevalt me. Alles is gemaakt van hout afkomstig uit de omgeving. De huisjes genaamd Bandas hebben geen deuren of ramen, waardoor de wind er de hele dag doorheen waait. Omdat de wind pas in de middag op komt zetten, zijn de dagen erg relaxed. Er is niemand op het strand die je iets probeert te verkopen en het eten in het Che Shale restaurant is exceptio-neel. Toen ik de chef vroeg of hij me een inheems gerecht wilde leren bereiden kreeg ik een brede smile te zien, en een dag later stond ik in de keuken Swahili garnalen en Kachimburi salade te maken! We leren ook wat meer van de lokale cul-tuur en gewoontes kennen. Zo vertelde Vanessa, de moeder van restauranteigenaar Justin, over de vele manieren waarop kokosnoten en -bomen ge-bruikt worden. Zo wordt er palmwijn van gemaakt (waarvan de opbrengst naar een locale school gaat), palmhart (met een nootachtige smaak, lekker voor in de salade), worden ze gebruikt als grondstof voor het bouwen van huizen en restaurants, de eerdergenoemde schillen voor op de wegen, kokosolie voor massages en natuurlijk het welbekende kokoswater, -melk en vlees om te eten en mee te koken. Ik heb veel tijd in de buurt van kokosbomen doorgebracht maar had me nog nooit gerealiseerd dat zo’n simpel boompje voor zoveel dingen gebruikt kon worden.

22/01/2012 – VERTREK UIT CHE SHALE
Rossi: Ik kan niet geloven dat vijftien van onze achttien dagen er alweer opzitten, en dat we elke dag met hetzelfde board en zeil gevaren hebben. De wind is echt bijzonder consistent hier, de volgende keer als ik ga neem ik denk ik alleen mijn 5,2 en 90 liter boardje mee!

Phil: We zijn op weg voor een safari in Tsavo East National Park om onze trip in stijl af te sluiten. We zijn al gewaarschuwd voor de gevaren van nijlpaarden, olifanten en neushoorns, dus ons geniale plan om een foto te nemen van ons aan het surfen naast een van deze dieren op een drinkplek hebben we toch maar laten varen.

24/01/2012 – KIKOBO CAMP
Phil: We zijn op een ochtendwandeling met een Masaï krijger op zoek naar nijlpaarden in de rivier. De Masaï is een van de meest bekende stammen uit Kenia, hun mensen zijn de meest ingezette wachters in het land. Ze dragen opval-lende rode jurken en enorme oorbellen die hun oorlellen tot de max uitrekken. We passeren een aantal krokodillen en nemen een korte pauze. Ik complimenteer een Masaï met de schoenen die hij draagt en er verschijnt een grote grijns op zijn gezicht. Hij trekt ze uit en showt ze nog even extra. Masaï Timberlands noemt hij zijn slippers gemaakt van autoband.

Rossi: De dieren die we de afgelopen twee da-gen gezien hebben waren fascinerend. Kuddes olifanten, leeuwen, zebra’s, giraffen, cheeta’s, gazellen, buffels en bavianen, en velen slechts op een paar meter van ons safaribusje. Ik zag zelfs een baviaan een salto doen uit een boom, ik wilde hem meenemen en leren windsur-fen. Wat een talent zou hij zijn geweest.

25/01/2012 – KIKOBO CAMP
Phil: Het is het einde van ons verblijf in Kenia. Ik stap op de taxi die me naar het vliegveld brengt, alleen, want Rossi heeft last minute zijn ticket omgeboekt. Hij heeft het hier zo naar zijn zin dat hij besluit om een dikke maand langer te blijven. En waarom ook niet: vier verschil-lende locaties om te windsurfen, heerlijk eten, een interessante geschiedenis en cultuur… en natuurlijk een internetverbinding, zodat hij wel gewoon door kan werken aan het uitbreiden van zijn Tricktionary imperium.

Rossi: Wat kan ik zeggen? De consistentie van de wind, de prachtige stranden met wit zand en turkoois water en allerlei andere activitei-ten maken Kenia een geweldige bestemming voor elke avontuurlijk ingestelde windsurfer. Eén board, één tuigage en de wil om te reizen zijn genoeg om elke dag plezier te hebben, hakuna matata! •