NIET ALLEEN VOOR WINDSURFERS
Het is halverwege september als er een verdacht mailtje mijn email-box binnenkomt. Het onderwerp ‘Brazilian Orgy 2011’ doet mijn spamfilter aanslaan, maar ik weet wel beter. Geen libidoverhogend viagra, amazing penisverlengers of andere crap, dit is iets waar ik alweer tijden naar uitkijk! De afzender van het mailtje is Fabio Nobre, de godfather van Club Ventos in Brazilië, en de strekking van het mailtje laat zich raden: we gaan op trip!

Woord:  Mart Kuperij Beeld: Julian Schlosser & Gary ‘Lord Lolo’ Crossley

Drie maanden later sta ik samen met de Engelse journalist Gary Crossley op Schiphol en zijn we nog maar veertien uur verwijderd van 35 graden, slippers en wind-garantie. Lezers die zich onze eerdere verhalen over Jericoacoara en Icaraizinho voor de geest kunnen halen zullen zich Gary nog wel kunnen herinneren. Als eerste windsurfjournalist ooit in Jeri is hij medeverantwoordelijk voor het succes van de spot en ondanks het feit dat hij zojuist gewipt is bij het Engelse Boards is ook hij uitge-nodigd voor de Braziliaanse windsurforgie. Het doet me deugd hem erbij te hebben, Gary (ook bekend als Lord Gary of Lord Lolo) is met zijn typische Engelse humor en dito klunzigheid een meer dan welkome aanvulling op elke trip.Enigszins verfomfaaid van de lange vlucht (met tussenstop op Sal) zetten we rond een uur of acht ’s avonds voet op Braziliaanse grond. Op het vliegveld zelf lijkt het nog mee te vallen met de warmte, eenmaal buiten valt de Braziliaanse lucht als een warme deken over onze schou-ders. Onze chauffeur gooit de tassen achterin de Jeep en even later zijn we op weg naar Jericoacoara. Het moet gezegd: het voelt als een bevrijding om eens zonder afgeladen volle boardbags te reizen. Waar je normaal gesproken al vóór je eerste surfsessie toe bent aan een rug-massage hebben we nu slechts een tas met een lading t-shirts en shorts mee; bij Club Ventos liggen gloedjenieuwe spullen op ons te wachten, wat een luxe.

Ogen open, ogen dicht en rond drie uur ’s nachts komen we aan in Jeri. Het enige wat we willen is een bed en de ruisende zee sust ons al gauw in slaap. De volgende ochtend staan we dankzij de jetlag al vroeg uit te kijken over de zee. We zijn een paar dagen eerder dan de rest van het team en hebben zo de mogelijkheid op ons gemakt te wennen aan de Braziliaanse vibe. Ondanks het feit dat Gary en ik feitelijk beide herintreders zijn vanwege onze schouderblessures, besluiten we na het ontbijt gelijk het water op te gaan. Een klein rondje surfen kan geen kwaad toch? ‘Op ons gemak’ wordt al snel ‘volle bak’, er staan kleine golfjes en het is niet zo druk, prima om even in te komen. Na de sessie duiken we het restaurant van de Club in voor een heerlijke açaí, en met mijn bek vol paarse tanden heb ik het gevoel dat ik thuiskom.

OP NAAR ICARAIZINHO
Het is zondag als we vertrekken naar Icaraizin-ho waar de overige journalisten zich ‘s avonds bij ons zullen voegen. In onze Jeep zitten ook Maarten van Ochten en Arrianne Aukes die al langer in Jeri rondhangen en meewerken aan de nieuwe fi lm van Club Ventos. Met de com-plete muziekcollectie van locale PWA ster Ian Mouro Lemos op de speakers blazen we over de snelweg naar Icarai, waar we onze intrek nemen in Café Zapata, behalve café ook hotel. Terwijl Gary en ik na het eten een stukje vee tv kijken (een bizar schouwspel waarbij rennende koeien en paarden live geveild worden, check onze website), horen we beneden een Jeep tot stilstand komen. Het zijn onze collega’s van het vermaarde Dream Team, zoals Club Ventos eigenaar en organisator Fabio Nobre ons het liefst noemt, met naast oudgedienden Arnaud en Julian van het Franse Planchemag mijn partner in crime Manuel Grafenauer uit Oostenrijk. Manu is voor het eerst in Brazilië en vervangt de hoofdredacteur van het Duitse Windsurfing Journal Alexander ‘Dieter’ Lehmann, die het niet over zijn hart kon krijgen zijn hoogzwang-ere vrouw alleen in Duitsland achter te laten. Na een korte nacht met hier en daar zich uit het dak lancerende vliegende mieren gaat het de volgende ochtend al vroeg los met de eerste activiteit van onze perstrip. Geen voetbalwedstrijd dit keer; na de vorige gestolen overwinning (zie Motion #3 2010) besluiten de Brazilianen eieren voor hun geld te kiezen en ons in plaats van op strandvoetbal te trakteren op een Bull Kart Race. Hiervoor zijn uit de hele regio stieren opgetrommeld, 21 stuks in totaal, die samen met hun baasje strijden voor de winst én een bedrag van 400 Reais, een fl inke som geld. Geen input van ons dus, we zijn toeschouwer bij deze race en dat is maar goed ook want de stieren zien er gevaarlijk uit. Het event is groots aangekondigd, met de voor Zuid Amerika karakteristieke hyperactieve radiospotjes en posters in elk dorp. Nadat Fabio kort de regels heeft uitgelegd (met onder andere de nieuwe regel het ‘niet meer in de staart mogen bijten van de stier tijdens de race’ is het de burgemeester hoogstpersoonlijk die het startschot geeft voor de eerste ronde. Aan de jockeys de opdracht om in een race met telkens zes deelnemers hun stier zo snel mogelijk richting het keerpunt te manoeuvreren, daadwerkelijk te keren (wat nog niet altijd even makkelijk blijkt) en dan in volle vaart weer terug naar de start/finish te galopperen. Zoals gezegd: dit lukt de ene keer beter dan de andere, de stieren hebben een sterke eigen wil en als ze een sappig stuk gras tegenkomen stoppen ze af en toe abrupt, tot afgrijzen en frustratie van de berijder. Regelmatig komt het ook voor dat de stieren een andere route kiezen, zo vlammen er tijdens de derde race ineens twee stieren recht op het publiek (en de auto’s op het strand) af, om slechts enkele meters voor een frontale crash afgeremd te kunnen worden. Na twee uur racen wordt de winnaar gekroond, de speciale prijs in de vorm van de Helm met de Hoorns moet nog uitgedeeld worden. Deze prijs gaat naar de eigenaar van de stier met de langste hoorns; een prijs die niet noodzakelijk met veel enthousiasme ontvangen wordt, althans niet door de winnaar. In Brazilië betekent ‘de hoorn hebben’ dat je vrouw je bedriegt, en dus wil eigenlijk niemand de prijs winnen. Toch laten alle deelnemers gelaten hun stieren opmeten… er is ook hier een geldbedrag van 200 Reais te winnen. Als de ‘winnaar’ uiteindelijk met helm en al geëerd wordt is het hoo(r)ngelach dan ook niet van de lucht.

LANGZAME ONTWIKKELING
Na deze opwarmer is het tijd om het water op te gaan. Het waait goed voor een 5,3 en het tij is precies goed om wat sprongetjes te maken bij het rif. Terwijl Manuel zijn monoshorty aantrekt schud ik mijn hoofd. Brazilië is neopreenvrije zone vrind, dat pakkie had je rustig thuis kunnen laten! Minuten later schiet Manu over het warme water samen met pro windsurfers Maarten, Arrianne en Ian. Ik hou me rustig vanwege mijn schouder, wat overigens behoorlijk frustrerend is in deze omstandigheden van zon, wind en warm water. Het is goed om te zien dat de lange met palmen bezaaide baai van Icaraizinho nog even mooi is als de laatste keer dat we er waren. Geen hotels of andere hoogbouw die het uitzicht verstoren, slechts een paar windmolens in de verte verraden op het eerste gezicht de ontwikkeling van het circa honderd jaar geleden gestichte dorpje. Verderop maken vissers hun boten schoon nadat ze de nacht hebben doorgevist, oude mannetjes rijden met os en wagen vol kokosnoten over het strand. Pas sinds de komst van Club Ventos kent het dorp een minimale vorm van toerisme. Het verschil met de vorige keer is vooral het aanbod in pousada’s en restaurants, die her en der verspreid over het dorp liggen. Net zoals bij de bouw van het windsurfstation is Fabio een groot voorvechter van een langzame ontwikkeling van het dorpje. Alles duurzaam en locaal, waardoor het geen afbreuk doet aan de sfeer en de rust. Bovendien profi teren de bewoners zelf ook van de ontwikkeling, en het locale karakter maakt dat je als toerist niet ineens on-aangenaam verrast wordt door westerse ketens. Verwacht geen McDonald’s of Burger King, het is vers gevangen vis en caipirinha’s wat de klok slaat, en gelukkig maar.

Vanuit Villa Mango, ons nieuwe luxueuze onderkomen pal aan het strand, vertrekken we die avond te voet naar Restaurante Praiazinha. Arnaud heeft het al snel gehad en belt Fabio of hij ons op wil komen halen. Minuten later racen we Jack Bauer stijl over het strand, hangend vanaf de treeplank van de 4×4. Onder de ster-renhemel (en het genot van verse vis en de nodige caipirinha’s) vieren we de eerste dag van deze Brazil trip.

MANGROVE TOUR
Na een heerlijke – helaas veel te korte – nacht slaap in de natuurlijk ge-airconditineerde (want geen vensters in de ramen) Villa Mango worden we ’s ochtends opgehaald voor een SUP-trip door de mangroven. In een mega pick-up truck rijden we met een man of twintig naar de mangrove, de chauffeur racet erop los, takken slaan aan beide kanten de open achterkant – waar we met zijn allen op bankjes zitten – binnen. Na een goede smeersessie zoekt iedereen een boardje uit en kunnen we via een glibberige modderwand het water in. We paddelen langs felrode krabben, her en der opspringende piranha’s en zien zo nu en dan een slangenhuid in de boom hangen. Het is makkelijk paddelen met de stroom mee, al worden we af en toe fl ink teruggeblazen als we een bochtje om moeten. We komen wat locale vissers tegen die net hun netten uitwerpen, en een omaatje die met haar kleindochter door de rivier waadt, terwijl ze vist naar kleine mosseltjes.Op de helft van de tocht leggen we aan bij een – naar het lijkt – verlaten plek middenin de mangrove. Fabio springt van zijn board en rent het woud in. We besluiten hem te volgen en komen uit op een open plek, waar we onder een grote boom opgewacht worden door een big mama die ons ontvangt alsof we haar kinderen zijn. Voor ons staat een gedekte tafel vol met fruit, versgeperste vruchtensappen en natuurlijk big mama met haar stralende lach. Terwijl we aanschuiven vertelt ze dat ze al het fruit zelf verbouwt op haar stukje grond. Mango’s, papaja’s, ananas en açerola – bij ons in de supermarkt vooral te vinden in dure wellnessdrankjes… het ligt allemaal voor ons. Als tweede gang krijgen we tapioca (een soort brood gemaakt van bewerkte en gedroogde cassavewortel) en rijst met de eerder gespotte mosselen en een heerlijk sausje. Aangesterkt en met het besef dat de locale bevolking ondanks of misschien juist vanwege hun ‘eenvoudige leven’ gelukkiger zijn dan de meeste mensen uit West Europa, paddelen we verder. De wind is wat sterker geworden, en we dobberen gemoedelijk downwind de rivier af, terwijl we ons locale feestmaal nog verteren. Op het eind van de tocht banen we ons een weg door een steeds dichter begroeide mangrove, waarbij de joligheid toeneemt en mensen elkaar van de SUPs duwen. Zodoende krijgt Manu van de twee Froggies een prachtige locale tattoo wanneer hij crasht en op een scherpe onderwater liggende tak valt. Zijn Dream Team ontgroening heeft hij bij deze gehad.

CHOP CHOP
Eenmaal terug bij de Club is het tijd voor de eerste fotoshoot. De pro’s checken nog even of alle stickers netjes op zijn plaats zitten en dan gaat het los. Het waait goed, en de door Fabio georganiseerde helikopter gaat bruut laag om te fi lmen. De piloot (ondanks de 30 graden onberispelijk gekleed), heeft de grootste heli van de staat Ceará meegekregen, een krachtige machine en dit beïnvloedt de riders behoorlijk. In de buurt van de heli staat er wel 50 knopen in plaats van 20 tot 30. De eerste moves mislukken dan ook bij bijna iedereen, zelfs doorgewinterde fotoshootdieren als Maarten en Max krijgen de wind letterlijk van voren. Uiteindelijk is het Arrianne die de eerste move landt en daarna is het hek van de dam. Maarten is goed hersteld van zijn knieblessure en laat met de grootste precisie zieke freestylemoves zien. Ook Engelsman Max Rowe gooit met shuvits en onze eigen Arrianne eslidert erop los. Vanaf het strand is het genieten van de actie en de bizar laag hangende helikopter, waarbij we ons soms afvragen of de piloot wel snapt hoe hoog die windsurfers eigenlijk kunnen springen.Omdat we de volgende dag alweer verkassen naar Jeri is er ’s avonds een heerlijke afscheids barbecue georganiseerd. Voordat dit festijn losbarst zetten we in de Villa nog even het barpersoneel aan het werk. Voor een ridicuul laag bedrag van twee euro vijftig maken ze geniale caipirinha’s, en als we aankomen bij de barbecue hebben we hem al goed hangen. We eten met de acteurs uit de nieuwe film van Club Ventos, waarna we onder het genot van toch nog maar een caipirinha kijken naar de plaatselijke capoeiragroep die onder leiding van ultra capoerista Chico Bento al saltoënd door de club vliegen. Het wordt een latertje.

B.A. BARACUS
De volgende ochtend blijkt dat we niet direct de beste avond uitgekozen hebben om ons vol te laten lopen, wanneer we koud aan de ontbijttafel de toeter van onze buggy alweer horen. Een halve omelet en een slokje jus later sjouwen we onze tassen de houten trappen af, waarna onze buggydriver ons naar Club Ventos brengt van waar we samen met de groep vertrekken richting Jeri. In true Brazilian style wachten we uiteraard nog een uur voordat we echt weg kunnen, we zijn het al gewend en doen nog eens een tukkie in de hangmat. Bewapend met meerdere flessen water stappen we uiteindelijk in de buggy op weg naar Jeri. De volgende vijf uur rijden we over Ceará’s schijnbaar eindeloze zandstranden. Van tijd tot tijd komen we een dorpje tegen waar de tijd stil lijkt te hebben gestaan, om vervolgens weer uit te wijken naar de kust. Overal komen we vrolijk zwaaiende kinderen tegen, die vaak een paar meter meerennen met de karavaan buggy’s. Regelmatig moeten we even stoppen omdat een riviertje de weg verspert, afhankelijk van het getij en de diepte van de rivier kunnen we ofwel net passeren of steken we over met vlotten gemaakt van aan elkaar gespijkerde houten planken. Met lange houten palen manoeuvreren de locale roergangers ons voor een paar Reais op een Venetië-achtige manier telkens veilig naar de overkant.

Binnenin de buggy zorgt de wind voor een aange-name koelte, achterop is het een ander verhaal. Elk kwartier smeren we nog maar eens een laag zonnebrand op ons lichaam, zelfs de poepbruine Maarten en Arrianne moeten eraan geloven. High-light van de rit is onze chauffeur. Naast het feit dat hij tijdens het rijden constant zijn stuur beweegt zoals B.A. Baracus uit The A-Team (dus ook op de rechte stukken), heeft hij een dusdanig accent dat waarschijnlijk zijn eigen moeder hem nog niet verstaat. Nadat hij volgas een complete opstaande stoeptegel uit de weg rijdt en onze angstige ge-zichten ziet, steekt hij vrolijk vijf vingers de lucht in. Of ie nou bedoelt dat hij sinds vijf dagen zijn rijbewijs heeft of vijf promille alcohol in zijn bloed heeft weten we tot op de dag van vandaag niet.

VAN BED TOT BOARD
Dan zien we in de verte de bekende duinen van Jeri opdoemen. In colonne rijden we het dorp binnen, en eenmaal op het strand aangekomen zien we dat de wind weer volop blaast, precies zoals het in de folders staat. We verblijven in pousada Jeriba, met de main break van Jeri pal voor de deur en Club Ventos op kruipafstand; van bed tot board, dichterbij dan dit kun je niet komen. Tijd om in te checken is er nauwelijks, iedereen wil gelijk het water op. We haasten ons richting de club en ik zie Manuel verbaasd om zich heen kijken. ‘Misschien is die titel beste surfstation van de wereld helemaal niet zo overdreven! Kijk die spullen, dat heb ik nog niet eens bij mij thuis liggen!’ Sinds dit seizoen heeft Club Ventos een ruime selectie fullcarbon pro boards van JP en Starboard en zijn de NeilPryde zeiltjes uitgerust met RDM X65 masten en hybride gieken. Alles zo goed als nieuw, klaar voor gebruik. We halen onze mastvoet bij de balie en gaan het water op. Voor even vergeet ik zelfs dat ik maar anderhalve schouder heb en samen surfen we tot de zon ondergaat. Tijdens het diner bij Restaurante Cantina Jeri in de Rua de Forro ligt iedereen er compleet af. Fabio valt tijdens het eten in slaap en ook de rest zit te knikkebollen. Een early night, die caipirinha’s drinken we morgen wel!

STRIPTEASE
Als we de volgende ochtend aansluiten bij het ontbijt van vers fruit en heerlijke broodjes blijkt dat Gary er alweer een avontuur op heeft zitten. Zonder er al te veel over uit te wijden kunnen we stellen dat onbedoelde stripteases niet perse in de smaak vallen bij nietsvermoedende buurvrouwen die op hun balkon een boek lezen. Zo zorgt de Lord al bij het ontbijt voor amusement en zit de glimlach er alweer vroeg ingebeiteld. Na een ochtend vrijspelen staat er in de middag een windSUP downwinder op het programma. Met een JP 9’9” met 3,9 zeiltje varen we downwind richting een mangrove; het is het de beste windsurffun die ik in tijden gehad heb. We wanen ons avonturiers zo zonder voetbanden, het is echt spelen met de omstandigheden, je goed schrapzetten op downwind rakken en bij de duinen wat leuke golfjes longboarden. Manu gaat helemaal los met jumps en ik denk terug aan de early days van het windsurfen, toen dit vaste prik was. Ik moet mijn uiterste best doen me in te houden, ik wil ook mee doen met de show! Gelukkig zijn er wat golfjes, die ik old-skool afrijd met toes on the nose. Na een uurtje spelen worden we opgewacht door de truck, de zeilen worden afgetuigd en we rijden een paar minuten naar het beginpunt van opnieuw een paddletrip door de mangrove. Met af en toe een dansje om de steekvliegen te ontwijken komen we in steeds breder water. Met de stroming en wind in de rug is het paddelen easy, we hoeven er bijna niks voor te doen en kunnen zo volop genieten van de omgeving. Vlak voor zonsondergang bereiken we het eindpunt waar we onthaald worden met vers fruit en drankjes. Als alle spullen op de truck en trailer geladen zijn, is het tijd om te proosten. We stoten onze blikjes tegen elkaar aan en genieten het leven ten volste.

LUXESPOT
De volgende dagen spelen zich af volgens een vast patroon: eten, windsurfen, eten, windsurfen, eten, caipirinha’s. Logischerwijs is iedereen al na een paar dagen Jeri zo ontspannen als maar zijn kan. Geen huurauto, geen parkeerplaats zoeken, geen spullen optuigen, geen afspraken of email… pure ontspanning. Wat ook bijdraagt aan dit relaxte gevoel is het feit dat de wind elke dag klokslag elf uur op komt zetten. Uitslapen, lekker ontbijten en geen stress of je op de juiste plek bent of toch nog even een andere spot moet checken… Jericoacoara is een luxespot. De zwakke wind ’s ochtends en ’s avonds maakt Jeri bovendien zeer geschikt om te suppen of golf te rijden. Club Ventos speelt hier handig op in met een ruime collectie boards van JP en met recht: we kennen weinig spots die zo geschikt zijn voor beginners: zand, lange gemakkelijke golfjes… een echt paradijs. En een sleur wordt het nooit in dit paradijs, al was het maar vanwege Lord Gary. Als ik op een avond van Jeriba naar Club Ventos loop hoor ik opeens een doffe dreun en een hoop geritsel achter me. Als ik omkijk zie ik Gary opkrabbelen vanuit een half meter lager gelegen cactus. Blijkbaar was het verhaal van de naakte gaap + buurvrouw niet genoeg, hij volgde me vanuit de pousada om me als Cato van Pink Panther te willen besluipen en aanvallen, maar het blijft natuurlijk wel Lord Gary. Een kleine miscalculatie en miscoördinatie en hij ligt bijna drie meter lager op het strand. Het lijkt wel alsof hij koste wat kost een nieuwe bijnaam wil verdienen, en terwijl ik de cactusstekels uit zijn rug trek vieren we met iets teveel caipirinha’s dat hij nog leeft.

LAGOA AZUL
Het is onze een na laatste dag en de wekker gaat om zeven uur ’s ochtends. Best wel vroeg na al dat caipirinhageweld, maar geen gezeur, we moeten op want er wacht een quadtour op ons. Sinds een aantal jaar is er een nieuwe regel dat er veel minder auto’s het centrum van Jeri in mogen. In plaats daarvan is er een grote parkeerplaats aan de rand van het dorp gemaakt, hier staan ook de quads op ons te wachten. Na een paar oefenrondjes mogen we los, uiteraard met de opmerking dat we goed moeten luisteren naar de leiders, twee jochies van een jaar of zestien, waarvan één op kop rijdt met een quad en de ander ons volgt op de motor. Tot groot vermaak is de eerste die over de schreef gaat Club Ventos marketing manager Nuno, hij vlamt over een stuk natuur een parallelweg op en krijgt het meteen te horen. Na een half uurtje crossen door stad en duin komen we aan bij Lagoa Azul, een prachtige lagune middenin de woestijn. De wind is nog licht dus er is genoeg tijd om even met een zeilboot naar een soort schiereilandje te varen voor een kokosnoot. Het is zaterdag en dat is goed te merken: de boot zit propvol en ook het eilandje is afgeladen met beachballende en luierende Brazilianen in strings en speedos. Als de wind oppikt nemen we de boot terug naar de wal om het laatste stukje door te rijden naar de surfspot. We lijken allemaal wat meer ingereden (of wakker) en al surfstyling pakken we wat opstaande randjes mee om te sliden. Bij de spot liggen twee Supersport 100’s, een Allride, twee Freestylewave boardjes en een SUP klaar. Manu is de eerste op het water in dit afgelegen free-style- & freerideparadijs. Het water is supervlak en de wind sterk genoeg voor een 5,0. Al snel volgt Arnaud, die zijn tweede natuur hervonden heeft en even een paar rondjes naakt surft.

De komende uren brengen we al racend/freesty-lend/oldskoolend door. Het zoete water en de relatief lichte wind is een welkome afwisseling op het highwind geweld in Jeri. We adviseren Fabio dan ook een klein hutje bij deze lagune neer te zetten met wat boards en zeilen. Logistiek lastig, maar hij belooft het in overweging te nemen. Op een gegeven moment trekt Lord Gary de stoute schoenen aan: ik zie hem een freeraceboard met veel te groot zeil pakken (waar kort daarvoor de toch zeker twintig kilo zwaardere Arnaud nog een rondje mee geslalomd heeft) en besluit een stukje met hem op te varen. Gary vaart helemaal naar de overkant van de lagune, om vervolgens bij de kant af te stappen. Plotseling staat hij springend in het enkeldiepe water. ‘FUCK! I’ve been bitten!’ De enige zoetwaterslang in Brazilië heeft, hoe kan het ook anders, Gary beet. Gelukkig blijkt het meer schrik dan gevaar en met een verbeten gezicht stapt de Lord weer op zijn board om terug te dobberen. Een meter of 100 voor de kant krijgt hij een goede vlaag en gaat hij in vol plané op de kant af. Tijd om af te stappen denk ik als ik hem richting het riet zie vlammen. Maar Gary zou Gary niet zijn als hij zijn enkele rakje niet in stijl zou afsluiten en met een giga katapult landt hij op het strand. Omdat we rond één uur een lunchafspraak hebben met de proriders moeten we door, de quads weer op. Fabio heeft geregeld dat we een snellere en coolere route nemen áls we braaf zijn. We liegen gezamenlijk dat we barsten en even later knallen we langs duinen, mini langunes en paadjes en tonen de quads hun ware aard. In de zesde versnelling gaan de vierwielers gemeen hard, best heftig zonder helm, zeker op het strand waar je zo nu en dan geëjecteerd wordt door de windribbels. Na de lunch bij Club Ventos hebben we een laatste middag vrij spelen. Het is lastig kiezen: SUP, windSUP of toch gewoon windsurfen? Het wordt een combi van alle drie de activiteiten: Arnaud verkent de horizon op zijn windSUP, Manu springt nog maar eens wat shaka’s en fl aka’s en terwijl de zon begint te zakken pakken Gary en ik nog een golfje op de SUP.

MIJN SCHULD
Na ons afsluitende persmaal wordt bij de caipirinhastandjes aan het strand voor een laatste keer de nacht tot dag gemaakt, waarschijnlijk ook omdat iedereen hoopt zich de volgende ochtend te verslapen en niet terug te hoeven naar het koude Europa. Helaas, ondanks een stevige hoofdpijn staan we de volgende dag allemaal gepakt en gezakt klaar voor de terugreis. Tijd de slippers en shorts in te ruilen voor wat warmers en de reis naar het vliegveld te ondernemen. In de Jeep op de terugweg tref ik de Nederlandse Harmen. Nadat ik me heb voorgesteld reageert hij ad rem. ‘Mart van Motion? Het is jouw schuld dat ik hier ben!’ Even ben ik bang dat ik iemand iets heb aangesmeerd waar hij zeer teleurgesteld mee was, maar als ik de grote smile op Harmens gezicht zie besef ik me dat hij me in de maling neemt. En hoe kan het ook anders, Jeri heeft naar mijn weten nog nooit iemand teleurgesteld. •